Programma Veilig op de Fiets in Overijssel

March 28, 2024 410 keer bekeken

"Samenwerking tussen fysiotherapeuten en ergotherapeuten werkt als versterkende factor"

Sonja Kluin (ergotherapeut) en Riande van Weezep (geriatrie fysiotherapeut) ontwikkelden op eigen initiatief het programma: Veilig op de Fiets. In twaalf lessen en twaalf weken helpen ze mensen hiermee op fysiek en mentaal vlak te blijven fietsen, of weer opnieuw te fietsen. Beide veilig! De eerste pilot rolden Sonja en Riande uit in de gemeente Nijverdal, als samenwerkingsverband van Fysiocentrum Nijverdal en Ergotherapie Salland. Nu, twee jaar later is het programma in februari ook gestart in de gemeente Raalte, ook in Overijssel. Ditmaal een samenwerking tussen Fysiotherapie Salland en Ergotherapie Salland.

Esley Sevil van het programmabureau Doortrappen interviewde de twee oprichters van Veilig op de Fiets over het ontstaan van het programma, de samenwerking en hun ervaringen.

Hoe is het programma Veilig op de Fiets ontstaan?

Riande: “Sonja en ik raadpleegden elkaar al vaak voordat we met Veilig op de Fiets begonnen. Dit ging heel natuurlijk.” Sonja: “Klopt, wij huren een behandelruimte bij de fysiotherapeut. Zodoende spraken we elkaar veel en zijn we gaan kijken op welke vlakken we elkaar kunnen versterken. Zo zijn we begonnen met een valpreventieprogramma, dat werd uitgebreid met fietsen.” Riande: “We zagen dat steeds meer mensen niet meer durven te fietsen, en dat het probleem multidisciplinair is. Daar kunnen we allebei wat aan bijdragen. Ikzelf met name op gebied van balans en conditie en Sonja op het cognitieve aspect en angst.”

Hoe hebben jullie het aangepakt? Hebben jullie daar nog hulp bij gehad van anderen?  

Sonja: “We hebben het echt met zijn tweeën opgestart. Om het onder de aandacht te brengen hebben we uiteraard wel contact gehad met de gemeente en thuiszorgteams. Maar voor de rest hebben we het helemaal zelf vormgegeven.” Riande: “Nu merk je dat mensen steeds vaker enthousiast reageren."

Hoe ziet het programma eruit? Hoe zijn de twaalf weken bijvoorbeeld opgedeeld?

Sonja: “In de eerste week doen de fysiotherapeut en ergotherapeut samen een screening, reken op ongeveer een half uur per cliënt. Hierin achterhalen zij de medische geschiedenis, het persoonlijke doel en de ervaring.” Riande: “Daarnaast neemt de fysiotherapeut een test af op kracht, balans en conditie. Dit is de nulmeting. Daarbij kijken we hoe val-gevaarlijk de persoon is. Vervolgens is het zes weken binnen trainen met de fysiotherapeut in een oefenzaal om langzaam de kracht, balans en conditie op te bouwen. Dit gebeurt met allerlei oefeningen die specifiek gericht zijn op fietsen. Datzelfde geldt ook voor de oefeningen die de fysiotherapeut meegeeft voor thuis, want één keer in de week trainen is echt niet genoeg om beter te worden.

Na die eerste zes weken is het de bedoeling dat mensen op de fiets langskomen. "We gaan dan buiten aan de slag.” Sonja: "In week vier of vijf kijken we vooraf nog mee naar wat voor fiets past bij iemand." Voor de personen die al langer niet gefietst hebben geven we ook soms individuele begeleiding. Want wanneer we eenmaal met de hele groep gaan fietsen is één op één begeleiding niet haalbaar. De eerste keer dat we dat doen in week zeven, gaan we naar een grote parkeerplaats waar we alle basis fietsvaardigheden trainen: stoppen, opstarten, gebruik van versnellingen, bochtjes, hand uitsteken, omgaan met tegenliggers, slalommen enzovoort. En ook vooral vertrouwen krijgen.”

“Vervolgens fietsen we één keer een eenvoudige route door de wijk, en één keer een rustige route met twee aan twee of achter elkaar." Ook kiezen we vaak in een route voor enkele lastige kruispunten. Dit is erg leuk om met de groep te bespreken en om te zien hoe iedereen dat weer anders kan aanpakken. "Als afsluiter tijdens de laatste keer, maken we nog een fietstocht en drinken we op het einde een kop koffie met wat lekkers.”

 

 

Wat vinden jullie een mooi aantal deelnemers voor de groep?

Riande: “Meestal tussen de vier à zes personen. Bij vier starten we sowieso.” Sonja: "In Raalte hebben wel een groep van acht, maar daar hebben we een extra helpende hand. Voor wat betreft veiligheid en ruimte in de oefenzaal is een te grote groep niet wenselijk.”

Hoe komen de deelnemers bij het programma terecht?

Riande: “Via verschillende wegen: publicaties, de thuiszorg, de wijkverpleging, ouderenadviseurs of omdat mensen al bij ons onder behandeling zijn.” Sonja: "Wat opvalt is dat in de eerste maanden van de reclame maken, wij geen reacties krijgen. Pas wanneer het al drie keer in de krant heeft gestaan, begint het ineens storm te lopen met belletjes. Je merkt dat mensen een paar keer aangesproken willen worden, en er over na moeten denken voordat ze actie ondernemen.”

Hoe zijn de reacties van de mensen die meegedaan hebben met het programma in Nijverdal?

Sonja: "Zij geven aan dat zij in ieder geval een stuk meer vertrouwen hebben om daadwerkelijk zelf op de fiets te stappen. En sommigen kunnen na afloop echt weer fietsen na het jaren niet meer gedaan te hebben. Dat is natuurlijk een hele waardevolle uitkomst!”

Is er een vervolg voor deelnemers na afloop van het programma?  

Sonja: “Dat is afhankelijk van wat ze nodig hebben om te blijven fietsen. Soms sluiten ze zich aan bij een fietsgroep. In Raalte wordt bijvoorbeeld informatie meegeven over de fietstochten die daar georganiseerd worden. En in Nijverdal vragen we of mensen er vervolg aan geven, zodat ze het ook blijven doen. Er zijn tal van redenen die helpen om te blijven fietsen. Zo was er vorig jaar een vrouw die wilde blijven fietsen om haar man in de Wlz-instelling op te zoeken. Via fondsen hebben we voor haar toen een aangepaste fiets kunnen regelen, die wilde ze zelf ook heel graag.”

Wat is volgens jullie de kracht van de samenwerking tussen jullie (ergotherapeuten en fysiotherapeuten)?  

Riande: "Dat zit in het aanvullen van elkaar.” Sonja: "En weet je, er zit zeker een overlap in wat wij allebei kunnen. Maar je kijkt toch beide met een andere blik. Daarnaast is het ook fijn als je even kunt sparren, doordat je het samen bespreekt ga je er wat dieper over nadenken.”

Wat valt jullie op qua fietsveiligheid binnen valpreventie?

Sonja: "Veel mensen zeggen dat ze altijd precies dat ene plekje op de stoep opzoeken om af te stappen. Enerzijds is het vertrouwen krijgen in goed op en afstappen, en anderzijds is het als je een kruispunt nadert van belang om gewoon afstappen: stap eerst af en focus vervolgens rustig op het verkeer. Dat voorkomt zowel kijk- en slinger gedrag, als abrupt afstappen waarbij het mis kan gaan.”

Waar zien jullie nog meer kansen voor het programma?

“Sonja ziet kansen als zij nog meer kunnen aansluiten bij initiatieven die er al zijn. Dan kan je ook samen de communicatie doen. Ook is zij benieuwd hoe het is Raalte gaat verlopen met het programma Doortrappen.”

Is er een wens om meer gemeenten te enthousiasmeren?

Sonja: “Als er interesse is uit de gemeenten waar wij ook werkzaam zijn, dan is dit zeker bespreekbaar. We hebben geen ambities om dit zelf buiten ons werkgebied op te pakken. Wel kunnen we onze kennis en ervaring delen met onze collega-therapeuten in andere gemeenten.”

Is er iets wat jullie willen meegeven aan professionals die wellicht geïnspireerd zijn door jullie verhaal?

Riande: “Zoek echt die samenwerking op, en kijk of je samen de mensen kan bereiken.” Sonja: “Eens, ik denk dat de samenwerking tussen fysiotherapeuten en ergotherapeuten heel waardevol is. Dat is echt de versterkende factor."

 

Cookie settings